Want wat is het deel, door God van omhoog beschikt,het erfdeel, door de Almachtige uit den hoge bepaald?
Indien mijn tred van de weg is afgeweken,mijn hart mijn ogen heeft gevolgd,en een smet aan mijn handen kleeft,
Indien mijn hart zich heeft laten lokken tot een vrouw,en ik geloerd heb aan de deur van mijn naaste,
Voorzeker, het zou een vuur zijn, dat ten verderve zou doorvretenen mijn ganse opbrengst zou verdelgen.
Indien ik het recht van mijn slaaf heb veracht,en dat van mijn slavin, wanneer zij geschil met mij hadden,
Heeft Hij, die mij in de moederschoot maakte,ook hem niet gemaakt?Heeft niet Eenzelfde ons in de baarmoeder bereid?
– veeleer van mijn jeugd af groeide hij bij mij op als bij een vader,en van de schoot mijner moeder af leidde ik haar –
indien zijn lendenen mij niet hebben gezegend,en hij zich niet verwarmd heeft met de vacht mijner schapen;
Want een schrik voor mij was het ongeluk, door God beschikt;en vanwege zijn hoogheid vermocht ik niets.
Indien ik op het goud mijn verwachting gesteld heb,en tot het fijne goud heb gezegd: Gij zijt mijn vertrouwen;
indien ik mij heb verheugd, omdat mijn vermogen groot wasen mijn hand geweldige rijkdom had verworven;
dan zou ook dat een ongerechtigheid zijn geweest,voor de rechter te boeten,want ik zou God daarboven hebben verloochend.
omdat ik voor de grote menigte vreesde,en de verachting der geslachten mij verschrikte,zodat ik zweeg en de deur niet uitging!
Ach, dat toch iemand naar mij luisterde!Ziehier mijn ondertekening – de Almachtige antwoorde mij –ook het stuk, dat mijn tegenpartij heeft geschreven.