nld_1939
Ruth 1:8
zei Noömi tot haar twee schoondochters: Gaat beiden nu terug, ieder naar het huis van uw moeder. Moge Jahweh goed voor u zijn, zoals gij goed zijt geweest voor de doden en voor mij.
Read in Context
Other Translations
Study Tools
Original LanguageComing soon
DevotionalComing soon
DictionaryComing soon
TopicalComing soon
AtlasComing soon