nld_Genesis 49:8
Juda! gij zijt het, u zullen uw broeders loven; uw hand zal zijn op den nek uwer vijanden; voor u zullen zich uws vaders zonen nederbuigen.
eng_kjvGenesis 49:8
¶ Judah, thou art he whom thy brethren shall praise: thy hand shall be in the neck of thine enemies; thy father’s children shall bow down before thee.